Jac Toes/Arnold Jansen op de Haar |
De twaalfde man
> Inhoudsbeschrijving
In De twaalfde man krijgt de vierentwintigjarige rechtenstudent Heleen Akkerslag tijdens haar onderzoeksstage bij de Arnhemse recherche meteen haar vuurdoop: uit de Waal worden twee lichamen opgedregd. De schok is groot als ze haar eigen hoogleraar, de bekende criminoloog Karle Bosselaar, en haar medestudente Fatima Ansloo herkent. Haar begeleider rechercheur Manzo Gorzak (43) vermoedt zelfmoord en wil het dossier snel afsluiten. Nederland is namelijk in de ban van het WK Voetbal. Dagelijks reizen tienduizende binnen- en buitenlandse supporters naar de stadions in Duitsland. De Nederlandse politiediensten beschikken over aanwijzingen dat er een terroristische aanslag op het supportersvervoer dreigt, maar besluiten dit niet publiek te maken. Als echter blijkt dat Bosselaar en Fatima zijn vermoord, starten Manzo en Heleen hun eigen onderzoek. Ze ontdekken dat Bosselaar op het punt stond uiterst vertrouwelijk materiaal over terrorismedreiging en -bestrijding te publiceren. En ze ontdekken ook dat Karle en Fatima een cel op het spoor waren gekomen die zich voorbereidde op een terroristische actie.
> Tekstfragment
De Gelderlander.
De eerste aflevering van De twaalfde man (totaal dertig afleveringen):
1 De weg naar Duitsland
De lucht boven het asfalt trilde in de middaghitte. In de verte stond midden op de A12 een vrachtwagen. De politiewagen waarmee hij, vlak voor de grensovergang Beek, was klemgereden, stond er nog schuin voor geparkeerd.
Manzo Gorzak trok een verrekijker uit zijn body en keek toe hoe twee ME-busjes met gillende remmen aan weerszijden van de weg tot stilstand kwamen. De deuren schoten open en een tiental leden van een arrestatieteam rende naar buiten. Ze verspreidden zich in een halve cirkel om de vrachtwagen en richtten hun wapens op de laaddeuren. Manzo benijdde die jongens niet. Onder hun kogelvrije vesten en bivakmutsen moesten ze drijfnat van het zweet zijn.
Twee mannen schoten op een teken van de leider van het arrestatieteam naar voren en gingen op handen en voeten voor de laaddeuren zitten. Uit een van de ME-busjes kwam een man tevoorschijn die was gehuld in een decimeter dik bomvrij pak en een helm met vizier. Hij rende naar de achterkant van de vrachtwagen, ging boven op zijn twee maten staan en drukte kleefmijnen tegen de deuren. Daarna rende hij terug, gevolgd door zijn helpers.
Een paar seconden later volgden de explosies die de deuren uit hun hengsels bliezen. Meteen kwam de leider van het arrestatieteam naar voren met een megafoon en sommeerde iedereen ongewapend naar buiten te komen.
`Slechts gekleed in onderbroek', riep hij erachteraan.
Niemand verscheen in de deuropening. De commandant gebaarde naar de man vlak achter hem. Die posteerde zich voor de opening, gooide een rookgranaat naar binnen en vuurde enkele salvo's af. Direct daarna doken twee collega's voorover in de laadruimte, maakten een koprol en verdwenen in het rokende vrachtgedeelte. Een paar minuten later kwamen ze teruggerend en meldden ze zich bij de commandant. Er volgde een kort gesprek dat hij besloot met een gebaar alsof hij zijn manschappen zegende. De lopen van alle automatische wapens zakten gelijktijdig.
Eerder die middag was rechercheur Manzo Gorzak na een Melding Acute Dreiging van de Dienst Landelijke Recherche afgereisd naar de grensovergang Beek. De eerste uren na deze MAD waren verloren gegaan aan een zorgvuldige observatie van het target. Daarvoor was een camerarobot op pad gestuurd. Afgezien van verregaande roestvorming in het chassis was er niets alarmerends ontdekt.
Daarna was er anderhalf uur niets gebeurd totdat een mobiele containerscan uit de Rotterdamse haven was aangevoerd. Met dat apparaat kon je dwars door de wanden van de laadruimte kijken. Op de monitor waren slechts varkenslijken te zien. Koortsachtig overleg tussen de verbindingswagen ter plekke en het crisiscentrum in Nijmegen volgde. En nu was men dus eindelijk in actie gekomen.
Het verweerde politiepasje dat Manzo Gorzak tevoorschijn haalde, stamde nog uit de tijd dat hij bij Zeden werkte. De agente bij de afzetting trok haar wenkbrauwen op en bekeek het kritisch. De nieuwelingen kenden hem niet, besefte hij. Daarvoor was hij er te lang tussenuit geweest. Terwijl de agente zich een paar meter met het pasje terugtrok en zijn naam ter controle in een portofoon lispelde, bekeek Manzo het terrein dat door een overmacht aan politiepersoneel was afgezet. Rond de gebouwen van de douane, die sinds de opening van de grenzen verlaten waren, wemelde het van de uniformen. Een colonne Duitse politiebusjes draaide langzaam rondjes op het enorme parkeerterrein erachter. De agente kwam terug en hield het pasje nogmaals op ooghoogte.
`Wat scoorde jij voor je ogentest?' vroeg Manzo.
Ze gaf hem met een hoofdbeweging toestemming door te lopen.
`Ik zou nooit met een jeugdfoto lopen zwaaien', zei ze toen hij over het rood-witte afzettingslint stapte.
Manzo grinnikte inwendig. Lef hadden ze tegenwoordig wel.
Hij liep op de leider van het arrestatieteam af.
`Willen ze niet terugvechten, Harco?' vroeg hij.
`Vandaag niet, Manzo, vandaag niet.'
Manzo herkende de stank van de dood onmiddellijk toen hij zich in de laadruimte hees. Varkens waren immers dieren die het meest op mensen leken.
De chauffeur had alle systemen, inclusief de koeling, uitgeschakeld nadat hij was aangehouden. Manzo knipte het zaklampje aan zijn sleutelbos aan. De zwakke lichtbundel gleed over de rijen hangende karkassen in het beginstadium van rotting. Theoretisch konden daarin nog explosieven verstopt zitten. Voor de zoveelste keer vals alarm, concludeerde hij, nadat hij had geconstateerd dat er zich ook geen zelfmoordcommando's onder de varkens bevonden.
Op de rand van de laadruimte bleef hij staan en keek de snelweg af. In de verte schitterden eindeloze rijen autodaken in de avondzon, misschien wel tot Den Haag. Hij hoopte het van harte. De verantwoordelijke ministers en ambtenaren zouden dan misschien zien wat ze aanrichtten met deze overspannen acties. Er waren meer dan driehonderd bussen Oranjesupporters onderweg. En deze voetballiefhebbers waren in toenemende staat van ongeduld en dronkenschap. Nog even en die bussen waren zo toegetakeld dat ze niet eens verder k?n rijden.
Zijn mobiel alarmeerde hem. Hij luisterde een paar seconden en sprong op het asfalt.
`De hel is nu ook in Arnhem losgebroken', zei hij in het voorbijgaan tegen Harco.
Manzo reed over de snelweg terug naar de stad. Hij zette de mobilofoon aan. Er was druk berichtenverkeer, in schril contrast met zijn weghelft waar bijna geen autoverkeer was. De Duitsers hadden alle toegangswegen naar de A12 afgesloten. De Duitsers hebben de zaak wel onder controle, dacht hij, in Nederland is het ?i>red alert ?i>no alert.
Halverwege moest hij afremmen voor groepjes Oranjesupporters die de files naar Duitsland beu waren en auto's probeerden aan te houden die de andere kant op reden. Er werd tegen zijn BMW geslagen. In zijn achteruitkijkspiegel zag hij talloze opgestoken middelvingers. Sukkels, dacht hij, in Arnhem lopen jullie recht in een fuik. Het station en het gebied in een straal van driehonderd meter was afgezet, hoorde hij. De ontruiming van de belendende kantoorpanden was in volle gang. Ook het busstation was onbereikbaar geworden. Het treinverkeer was daar inmiddels volledig stilgelegd. Alle binnenkomende treinen waren vlak voor de stad gestrand. Een deel was op weg naar Duitsland om het Oranjelegioen naar de stadions te brengen.
Manzo blies zijn adem luidruchtig uit. Waarvoor al die ophef, wat was er nu weer bedacht? Een mogelijke aanslag met wagons geladen met giftige chemicali? gokte hij. Dagelijks reden er tientallen van zulke tikkende tijdbommen door de Arnhemse woonwijken. Of gewoon een ouderwetse zelfmoordenaar die zich wilde opblazen te midden van het Oranjegewoel. Er was al maanden geleden voor gewaarschuwd. Of een simpele sabotage van de rails, met een ontsporing als gevolg.
Het beste kon hij zijn auto buiten het centrum parkeren en te voet de spoorbaan nemen, bedacht hij. Hij reed door naar het KEMA-terrein en parkeerde zijn wagen bij de gelijknamige toren. Ook een geschikt terroristisch doel trouwens. De stroomvoorziening voor half Nederland werd vandaar met zenders geregeld, wist hij. Hij klauterde het talud af en wandelde tussen de rails naar het station.
Uit een gestrande trein, die langzaam in een bakoven moest veranderen, keken de passagiers hem met een mengeling van jaloezie en boosheid na. Een peloton platte petten lette erop dat niemand uitsteeg om zijn weg lopend te vervolgen. Hij toonde zijn pasje aan een jonge inspecteur, die overdadig zweette.
`Laatste meldingen?' vroeg hij.
De inspecteur draaide zich om en wees op Arnhems meest recente trots, heuse twin towers die het landschap tot in de verre omtrek domineerden.
`Er zijn twee verdachten in de blauwe toren gelokaliseerd', zei de inspecteur. `Ze hebben zich verschanst op de bovenste etage. Ze beschikken over zware wapens.'
Wat voor zware wapens? wilde Manzo vragen, maar hij werd afgeleid door geschreeuw verderop.
`Laat me los, eikels!'
Een jonge vrouw had de deuren geopend en was op het grind gesprongen. Drie mannen stormden op haar af en grepen haar vast.
De inspecteur draaide zich om.
`U bent aangehouden', riep hij, en tegen de agenten: `Fouilleren en afvoeren.'
Manzo hoorde de handboeien klikken.
`Waarvoor?' schreeuwde de vrouw.
De inspecteur maakte slechts een wuifgebaar en wees de agenten dat ze met hun buit langs de trein moesten lopen.
Tegen Manzo zei hij: `Zo laten we het publiek zien dat we meteen ingrijpen.'
Manzo knikte bedachtzaam.
Hij kende de vrouw. Hij had haar kort geleden nog gezien.
ISBN 90 445 0956 X
Omvang 160 pagina’s
Geïllustreerd met foto’s van Cees Mooij
Prijs € 12,45
De eerste aflevering van De twaalfde man (totaal dertig afleveringen):
1 De weg naar Duitsland
De lucht boven het asfalt trilde in de middaghitte. In de verte stond midden op de A12 een vrachtwagen. De politiewagen waarmee hij, vlak voor de grensovergang Beek, was klemgereden, stond er nog schuin voor geparkeerd.
Manzo Gorzak trok een verrekijker uit zijn body en keek toe hoe twee ME-busjes met gillende remmen aan weerszijden van de weg tot stilstand kwamen. De deuren schoten open en een tiental leden van een arrestatieteam rende naar buiten. Ze verspreidden zich in een halve cirkel om de vrachtwagen en richtten hun wapens op de laaddeuren. Manzo benijdde die jongens niet. Onder hun kogelvrije vesten en bivakmutsen moesten ze drijfnat van het zweet zijn.
Twee mannen schoten op een teken van de leider van het arrestatieteam naar voren en gingen op handen en voeten voor de laaddeuren zitten. Uit een van de ME-busjes kwam een man tevoorschijn die was gehuld in een decimeter dik bomvrij pak en een helm met vizier. Hij rende naar de achterkant van de vrachtwagen, ging boven op zijn twee maten staan en drukte kleefmijnen tegen de deuren. Daarna rende hij terug, gevolgd door zijn helpers.
Een paar seconden later volgden de explosies die de deuren uit hun hengsels bliezen. Meteen kwam de leider van het arrestatieteam naar voren met een megafoon en sommeerde iedereen ongewapend naar buiten te komen.
`Slechts gekleed in onderbroek', riep hij erachteraan.
Niemand verscheen in de deuropening. De commandant gebaarde naar de man vlak achter hem. Die posteerde zich voor de opening, gooide een rookgranaat naar binnen en vuurde enkele salvo's af. Direct daarna doken twee collega's voorover in de laadruimte, maakten een koprol en verdwenen in het rokende vrachtgedeelte. Een paar minuten later kwamen ze teruggerend en meldden ze zich bij de commandant. Er volgde een kort gesprek dat hij besloot met een gebaar alsof hij zijn manschappen zegende. De lopen van alle automatische wapens zakten gelijktijdig.
Eerder die middag was rechercheur Manzo Gorzak na een Melding Acute Dreiging van de Dienst Landelijke Recherche afgereisd naar de grensovergang Beek. De eerste uren na deze MAD waren verloren gegaan aan een zorgvuldige observatie van het target. Daarvoor was een camerarobot op pad gestuurd. Afgezien van verregaande roestvorming in het chassis was er niets alarmerends ontdekt.
Daarna was er anderhalf uur niets gebeurd totdat een mobiele containerscan uit de Rotterdamse haven was aangevoerd. Met dat apparaat kon je dwars door de wanden van de laadruimte kijken. Op de monitor waren slechts varkenslijken te zien. Koortsachtig overleg tussen de verbindingswagen ter plekke en het crisiscentrum in Nijmegen volgde. En nu was men dus eindelijk in actie gekomen.
Het verweerde politiepasje dat Manzo Gorzak tevoorschijn haalde, stamde nog uit de tijd dat hij bij Zeden werkte. De agente bij de afzetting trok haar wenkbrauwen op en bekeek het kritisch. De nieuwelingen kenden hem niet, besefte hij. Daarvoor was hij er te lang tussenuit geweest. Terwijl de agente zich een paar meter met het pasje terugtrok en zijn naam ter controle in een portofoon lispelde, bekeek Manzo het terrein dat door een overmacht aan politiepersoneel was afgezet. Rond de gebouwen van de douane, die sinds de opening van de grenzen verlaten waren, wemelde het van de uniformen. Een colonne Duitse politiebusjes draaide langzaam rondjes op het enorme parkeerterrein erachter. De agente kwam terug en hield het pasje nogmaals op ooghoogte.
`Wat scoorde jij voor je ogentest?' vroeg Manzo.
Ze gaf hem met een hoofdbeweging toestemming door te lopen.
`Ik zou nooit met een jeugdfoto lopen zwaaien', zei ze toen hij over het rood-witte afzettingslint stapte.
Manzo grinnikte inwendig. Lef hadden ze tegenwoordig wel.
Hij liep op de leider van het arrestatieteam af.
`Willen ze niet terugvechten, Harco?' vroeg hij.
`Vandaag niet, Manzo, vandaag niet.'
Manzo herkende de stank van de dood onmiddellijk toen hij zich in de laadruimte hees. Varkens waren immers dieren die het meest op mensen leken.
De chauffeur had alle systemen, inclusief de koeling, uitgeschakeld nadat hij was aangehouden. Manzo knipte het zaklampje aan zijn sleutelbos aan. De zwakke lichtbundel gleed over de rijen hangende karkassen in het beginstadium van rotting. Theoretisch konden daarin nog explosieven verstopt zitten. Voor de zoveelste keer vals alarm, concludeerde hij, nadat hij had geconstateerd dat er zich ook geen zelfmoordcommando's onder de varkens bevonden.
Op de rand van de laadruimte bleef hij staan en keek de snelweg af. In de verte schitterden eindeloze rijen autodaken in de avondzon, misschien wel tot Den Haag. Hij hoopte het van harte. De verantwoordelijke ministers en ambtenaren zouden dan misschien zien wat ze aanrichtten met deze overspannen acties. Er waren meer dan driehonderd bussen Oranjesupporters onderweg. En deze voetballiefhebbers waren in toenemende staat van ongeduld en dronkenschap. Nog even en die bussen waren zo toegetakeld dat ze niet eens verder k?n rijden.
Zijn mobiel alarmeerde hem. Hij luisterde een paar seconden en sprong op het asfalt.
`De hel is nu ook in Arnhem losgebroken', zei hij in het voorbijgaan tegen Harco.
Manzo reed over de snelweg terug naar de stad. Hij zette de mobilofoon aan. Er was druk berichtenverkeer, in schril contrast met zijn weghelft waar bijna geen autoverkeer was. De Duitsers hadden alle toegangswegen naar de A12 afgesloten. De Duitsers hebben de zaak wel onder controle, dacht hij, in Nederland is het ?i>red alert ?i>no alert.
Halverwege moest hij afremmen voor groepjes Oranjesupporters die de files naar Duitsland beu waren en auto's probeerden aan te houden die de andere kant op reden. Er werd tegen zijn BMW geslagen. In zijn achteruitkijkspiegel zag hij talloze opgestoken middelvingers. Sukkels, dacht hij, in Arnhem lopen jullie recht in een fuik. Het station en het gebied in een straal van driehonderd meter was afgezet, hoorde hij. De ontruiming van de belendende kantoorpanden was in volle gang. Ook het busstation was onbereikbaar geworden. Het treinverkeer was daar inmiddels volledig stilgelegd. Alle binnenkomende treinen waren vlak voor de stad gestrand. Een deel was op weg naar Duitsland om het Oranjelegioen naar de stadions te brengen.
Manzo blies zijn adem luidruchtig uit. Waarvoor al die ophef, wat was er nu weer bedacht? Een mogelijke aanslag met wagons geladen met giftige chemicali? gokte hij. Dagelijks reden er tientallen van zulke tikkende tijdbommen door de Arnhemse woonwijken. Of gewoon een ouderwetse zelfmoordenaar die zich wilde opblazen te midden van het Oranjegewoel. Er was al maanden geleden voor gewaarschuwd. Of een simpele sabotage van de rails, met een ontsporing als gevolg.
Het beste kon hij zijn auto buiten het centrum parkeren en te voet de spoorbaan nemen, bedacht hij. Hij reed door naar het KEMA-terrein en parkeerde zijn wagen bij de gelijknamige toren. Ook een geschikt terroristisch doel trouwens. De stroomvoorziening voor half Nederland werd vandaar met zenders geregeld, wist hij. Hij klauterde het talud af en wandelde tussen de rails naar het station.
Uit een gestrande trein, die langzaam in een bakoven moest veranderen, keken de passagiers hem met een mengeling van jaloezie en boosheid na. Een peloton platte petten lette erop dat niemand uitsteeg om zijn weg lopend te vervolgen. Hij toonde zijn pasje aan een jonge inspecteur, die overdadig zweette.
`Laatste meldingen?' vroeg hij.
De inspecteur draaide zich om en wees op Arnhems meest recente trots, heuse twin towers die het landschap tot in de verre omtrek domineerden.
`Er zijn twee verdachten in de blauwe toren gelokaliseerd', zei de inspecteur. `Ze hebben zich verschanst op de bovenste etage. Ze beschikken over zware wapens.'
Wat voor zware wapens? wilde Manzo vragen, maar hij werd afgeleid door geschreeuw verderop.
`Laat me los, eikels!'
Een jonge vrouw had de deuren geopend en was op het grind gesprongen. Drie mannen stormden op haar af en grepen haar vast.
De inspecteur draaide zich om.
`U bent aangehouden', riep hij, en tegen de agenten: `Fouilleren en afvoeren.'
Manzo hoorde de handboeien klikken.
`Waarvoor?' schreeuwde de vrouw.
De inspecteur maakte slechts een wuifgebaar en wees de agenten dat ze met hun buit langs de trein moesten lopen.
Tegen Manzo zei hij: `Zo laten we het publiek zien dat we meteen ingrijpen.'
Manzo knikte bedachtzaam.
Hij kende de vrouw. Hij had haar kort geleden nog gezien.
ISBN 90 445 0956 X
Omvang 160 pagina’s
Geïllustreerd met foto’s van Cees Mooij
Prijs € 12,45
> Meer boeken van deze auteur
| De twaalfde man | Paperback | 20 07 2006 | € 12.45 |
