> Inhoudsbeschrijving
Wat gebeurt er met een kind dat opgroeit in een oorlogsomgeving?
Hoe tel je gewonde harten? In welke statistieken vind je de gekrenkte kinderen terug? In de loop van de oorlogen, van 1994 tot nu, hebben 25.000 kinderen in Tsjetsjenië één of beide ouders verloren. Wie geluk heeft, woont bij familie of heeft een plekje gevonden in een weeshuis. Wie dat niet heeft, woont in een kartonnen doos, in een kapotgeschoten flatgebouw of in een buis langs de oever van de rivier, samen met mensen met een verknipte geest.
Åsne Seierstad schreef een aangrijpend boek over menselijke tragedies in een oorlog die maar geen geschiedenis wil worden.
> Tekstfragment
Als freelancejournalist voor een krant met een beperkt budget had ik geen toegang tot de internationale persbureaus. Dit was ver voor de tijd dat je slechts op internet hoefde te kijken. Ik tastte in het duister, schreef veel onder voorbehoud in mijn artikelen en had het gevoel dat ik tekortschoot. Ik was niet bij machte om correct over de oorlog te berichten en een rusteloze gedachte werd geboren. ‘Is er nog plaats in een vliegtuig naar Grozny?’ Voor me staat een gezette kerel in een groen uniform met een parelende laag zweet op zijn gezicht en in zijn hals. Hij monstert me met een sceptische blik van onder blonde, ruige wenkbrauwen. ‘Dus jij wilt de oorlog in?’ De man is niet bepaald vriendelijk, maar ook niet echt onvriendelijk. ‘Ik wil er graag zelf een kijkje nemen.’
> Meer boeken van deze auteur