> Inhoudsbeschrijving
Stockholm, eind achttiende eeuw. Herman Schützer, lijfarts van koningin Lovisa Ulrika van Zweden, is een bevlogen medicus die zich als een van de eerste artsen bekwaamt in de gynaecologie. Hij is zijn tijd ver vooruit en komt daardoor in conflict met andere (hof)artsen. Maar hoeveel hij ook van het vrouwelijk lichaam af weet, van de vrouw als persoon begrijpt hij weinig: hij gaat zo op in zijn werk dat hij doof en blind is voor de behoeften van zijn jonge vrouw Nella.
Agneta Pleijel baseerde dit verhaal op de nagelaten geschriften van haar verre voorvader Herman Schützer.
> Tekstfragment
Op een zondag na de eredienst bonsde een jongen op de deur van Herman Schützer, in zijn tijd een redelijk beroemde vroedmeester te Stockholm. Hij ging dun gekleed en stond te trappelen en stotteren van opwinding. In de Lilla Tvärgränd lag een vrouw in barensnood. Of mijnheer de dokter snel wilde komen. Het was een zaak van leven of dood.
Voor wie, vroeg Schützer.
Voor allebei, hijgde de knaap.
Schützer knipperde tegen de sneeuwvlokken. Het was nog maar november en toch sneeuwde het. Over de daken legde zich een dunne sneeuwdeken die geen warmte te bieden had.
De zondag is een rustdag, antwoordde hij.
De barende vrouw is klein van stuk, zei de jongen, een dwergin.
Toen Schützer dat hoorde, aarzelde hij geen moment. Het ongewone en ingewikkelde lokte hem. Hij liet zijn jas brengen.
> Meer boeken van deze auteur